maandag 29 oktober 2012

Zie mij gaan!

Lieve Briek


Plots ga je als een sneltrein door het leven met die ontwikkeling van je. Bij elke nieuwe sprong in je mentale of fysieke evolutie gedragen papa en mama zich als twee kinderlijke gekken en sturen we elkaar 100 berichtjes met nieuwtjes, hoeraatjes en joepietjes. Voor ons betekenen die stappen die jij neemt heel erg veel. Je hebt immers een gigantisch grote rugzak op je rugje hangen met een hele geschiedenis erin. Het hele opgezwollenhoofdverhaal spookt nog dagelijks door onze hoofden en jouw ontwikkeling nu is een geruststelling, een bewijs voor ons dat je er helemaal oké bent doorgekomen.

Je doet het immers FAN-TAS-TISCH! Vandaag heb je voor de eerste keer gekropen. Man, wat een feest! We zagen je al weken de aanzet nemen tot het kruipen, maar het echt doen durfde je niet. Je zat dan maar op handjes en knietjes te huilen tot je weer op je poep ging zitten en het hele kruipmanoeuvre afblies. Maar vandaag besloot je - in de crèche - dat je misschien toch maar eens een stapje in de wereld moest zetten. En zo geschiedde. Hier thuis heb je trouwens nadien ook nog vrolijk door de kamer gescharreld. Niet helemaal met volle overtuiging, en telkens nog maar een kleine afstand, maar je kroop. En je kroop goed. Jep, mama heeft het gezien: ook in het kruipen ben je een krak.

Verder heb ik alleen maar goed nieuws over je. Je bent een droomkind. En nee, Briekje, dit is niet je sentimentele mama die spreekt, maar dit zijn de woorden van je lieve juffen op de crèche. Mijn hart glom van trots toen ik dit vandaag te horen kreeg. Blijkbaar ben je op je braafst daar. Je speelt alleen (dat doe je thuis ook) op de mat en je houdt jezelf bezig, je huilt niet omdat je honger hebt (hier ook niet, ik denk altijd maar dat je honger hebt), en je versiert kleine meisjes. Alleen dutjes doen, vind je in de crèche blijkbaar niet zo leuk. Ergens vind ik dat wel vreemd, want je slaapt thuis altijd als een roosje. Je bent ongelooflijk druk als je aan het spelen bent, maar je ligt ook heel erg graag in je bedje. Dan slaap je drie keer per dag twee uur aan een stuk en 's nachts lap je daar je nog eens een twaalf uur bij aan. We kunnen hier echt niet klagen over je. En nu kan ik alleen maar trots en fier zijn, omdat jij mijn zoontje bent. Je bent soms wel ondeugend, maar mama en papa hebben je nu nog netjes in de hand. En leute dat we samen hebben. Tjonge, hier is het leven goed.

Ik kan niet geloven dat ik dit nu schrijf. Amper 7 maanden geleden gingen we door een hel. Amper 7 maanden geleden heb ik geschreven dat ik ongelukkig was, omdat jij huilde en huilde en huilde. Zeven maanden geleden zaten wij in het ziekenhuis en rustte er een onrust van zo'n omvang op mijn schouders dat ik dacht dat ik nooit meer recht zou kunnen lopen. En zie ons nu. Jij bent perfect. Een droomkind. Ook al heb je gewoon geen gehemelte, ben je al acht keer onder narcose geweest en ben je al ettelijke keren binnenstebuiten gedraaid, jij bent een droomkind. Kijk. Dat noem ik nu eens perfectie.

Lieve, lieve, lieve Briek. Ik hoop dat jij heel goed weet dat papa en mama helemaal zot van je zijn. En als je nu eens geen droomkind bent en veel huilt, zeurt, zaagt en deugnieterijen doet, dan houden we nog altijd evenveel van je. Hoeveel? Dat kan ik je niet uitleggen. Voor deze omvang van liefde kent onze taal nog geen woorden. En dat is ook niet nodig.
Je voelt het wel. Elke dag.
Het ga je goed, zoon! Het ga je heel erg goed.
 


Lieve knuffel

je mama


Ps.: Nog twee maanden en we maken opnieuw de trip naar Leuven. 9 januari word je nog wat meer afgewerkt en 25 januari moet je onder de MRI-scan voor je hoofdje. 2013 gaat voor ons niet leuk starten, maar samen komen we er opnieuw door. Ik blijf twee maanden thuis voor jou, je mag dan terug veel huilen, vriendje, heel zeker. Ik ben er klaar voor. Klaar om jou opnieuw erdoor te loodsen!

woensdag 24 oktober 2012

Brokjes eten.

Briek is ondertussen op een leeftijd gekomen dat hij eigenlijk moet leren om brokjes te eten. Boterhammetjes kauwen, stukjes aardappel in zijn groentepap, ... . Voor hem is dit echter een GROOT probleem. We hadden al gemerkt dat van zodra hij een brokje in zijn eten had, hoe klein ook, hij zich verslikte, een beetje zat te stikken en dan alles weer uitbraakte. De logopediste vond het beter dit met hem en met ons te oefenen, dus moesten we opnieuw een tripje naar Brussel maken.

De trip zelf duurde meer dan 2 uur (normaal gezien kunnen we de afstand overbruggen op 1 uur), maar Briek was (zoals altijd) heel erg braaf. Gelukkig.
Bij de logopediste dan. We moeten eerst onze Briek laten nakijken door een Neus-, Keel en Oorarts omdat ze zeker wil zijn dat er structureel niets mis is met Briek. Natuurlijk, hij heeft geen gehemelte, maar in zijn keeltje zou alles wel normaal moeten zijn. Dat stikken in zijn eten kan erop wijzen dat er misschien in zijn keeltje ook iets fout is. Dus eerst nachecken dat manneke.

Ondertussen konden we nog niet heel veel oefenen. We moeten eerst zeker zijn dat alles normaal is voor we oefenen, maar omdat het nu echt wel de leeftijd is om het kauwen te leren, moeten we toch al starten. Als we wachten tot na zijn operatie in januari, dan is hij die "kauwleeftijd" voorbij en dan kunnen er moeilijkheden optreden.

Onze opdracht: Elke dag moeten we Briek één stukje boterham ter grote van een halve vingertop aanbieden. Hij moet dit dan proberen weg te werken. Daarnaast krijgt hij vanaf nu ook 1/4e van een krielaardappel geplet onder zijn groentepap. Je weet dat Briek tot hiertoe geen aardappelen mocht eten omdat het zetmeel plakt en dus voor hem heel moeilijk uit zijn mondje is te krijgen. Als hij na een week geen enkel probleem heeft met dat kleine stukje, mogen we de hoeveelheid vermeerderen tot een half krielaardappeltje.

Ik denk dat dit echt een hele stap voorwaarts is. Het lijkt echt miniem, he, zo'n vingertopje boterham en een half krielpatatje, maar voor Briek is dat best wel veel. Hij moet ook echt altijd hoesten en kokhalzen op dat boterhammetje. De logopediste vond ook dat Briek heel erg gevorderd was in zijn mondvaardigheid. Zijn mondbewegingen waren heel erg goed en hij maakte al een erg veel klanken.
















Hij was daar maar 'mamamamama' aan het roepen. Jorge zei nog: 'Alleen 'papapa' zegt hij niet.' De logopediste had de - voor hem - toch wel teleurstellende boodschap dat dit niet snel zou komen. Voor kindjes zonder gehemelte is 'papa' heel erg moeilijk om uit te spreken (ze heeft uitgelegd waarom, maar ik weet het niet meer). 'Vake' zal hij wel goed moeten kunnen zeggen later. Dat is weeral een geluk voor ons vake, he!

Verder is alles dus dik in orde, voorlopig. Hij verandert ook ongelooflijk trouwens. Nu begint hij echt groot te worden. Hij heeft heel veel kuren en als mama of papa boos wordt, dan weent hij heel erg hard. Best wel zielig en ik heb het soms dan wel moeilijk om consequent te blijven en hem niet meteen te gaan troosten. Maar hij weet héél goed dat hij dingen doet die niet mogen.

Nu vind ik dat we in een leuke periode zitten. Briek is héél actief. Hij zit geen vijf seconden stil, trekt zich voortdurend op aan alles wat hij maar op zijn weg vindt, hij probeert te kruipen (maar durft niet), vindt overal dingetjes die hem interesseren (tv-kastjes, gsm's) en hij tettert en tatert de hele dag. Hij begint ook wel stilaan te huilen als mama of papa uit het zicht verdwijnen. Dat vindt hij niet zo heel fijn en dat laat hij ook erg horen.
Ik voel me tegenwoordig echt op en top mama. Als hij zich bezeert, omdat hij weer eens een uitschuivertje maakt of met een speeltje in zijn eigen gezichtje slaat, dan komt hij als een vod eens echt op uw schouder uithuilen. Het huilen is altijd nét dat beetje dramatischer dan de valpartij zelf, zo schattig. En als hij huilt omdat hij graag bij mij wil blijven of als hij lacht als ik terug binnen kom of als hij kijkt naar mij als papa vraagt "Waar is mama?", dan voel ik mij echt een mama. En dat vind ik heerlijk. Niet dat ik graag heb dat hij valt of zich pijn doet, natuurlijk. Maar nu Briek zo wat groter is, komt hij heel bewust knuffelen en daar houd ik van. Hij weet heel goed dat ik zijn mama ben en dat Jorge zijn papa is en hij voelt zich heel erg goed bij ons. Als we samen thuis zijn, dan is hij in zijn nopjes! En ik ook.






woensdag 3 oktober 2012

Ik heb goed nieuws en ik heb slecht nieuws...

en laat mij meteen beginnen met het slechte nieuws. Ik moet misschien wat minder negatief uit de hoek komen. Echt slecht nieuws is er eigenlijk niet. Met Briek is alles immers dik in orde. Of wacht? Dat is wat wij denken (en wat mijn moedergevoel en de kinderarts zegt) maar dat is niet wat de doktoren op de afdeling kinderneurologie denken. Zoiets. Misschien. Eigenlijk weet ik dat niet zeker, en dat is wat me nu zo hard stoort.

Het gebrek aan communicatie. We moesten gisteren en vandaag op controle in Leuven met onze flinke zoon. Gisteren werden we verwacht op de afdeling KNE (kinderneurologie) om zijn hoofdje te controleren. Je weet waarschijnlijk nog dat we een heel horrorverhaal achter de rug hebben met hersenbloeding, hygroom, opgeblazen fontanel.. . Soit, controle dus. Naar mijn gevoel is alles prima met Briek. Hij ontwikkelt zich vlotjes, hij is heel vrolijk, lacht naar Jan en Alleman, is héél hevig en houdt heel veel van zijn mamaatje en papaatje.
Maar goed, in Leuven zijn ze er niet heel gerust op, omdat de subcutane holtes in Briek zijn hoofd groter zijn dan bij andere kindjes en omdat er dus wat meer vocht onder zijn schedeltje zit. Zijn fontanelletje is niet opgeblazen en het manneke heeft nu nergens last meer van, dus vinden ze het zeker niet nodig er iets aan te doen. Maar opvolging is nodig. Ze vroegen ons om elke maand naar de kinderarts te gaan om zijn hoofdje te meten en zijn ontwikkeling op te volgen. Zo gezegd, zo gedaan. De kinderarts had ons onlangs gezegd dat alles dik in orde is met onze zoon en dat we van hem zeker niet meer te veel moesten langskomen.

Nu goed. We hadden om 16.15u een afspraak in Leuven. We mochten meteen binnen, moesten onze Briek uitkleden en laten wegen en meten. Daarna mochten we even in de box wachten, er zou meteen een dokter komen. Uiteindelijk hebben we om te beginnen al een volledig uur moeten wachten. Onze Briek was enorm braaf, maar ondertussen ook wel enorm moe. Wanneer er dan eindelijk een dokter verschijnt, is de vrouw totaal NIET op de hoogte van Briek zijn situatie. In de verte wist ze waarvoor we kwamen, maar ze had zich niet voorbereid. Verslagen van de kinderarts had ze niet gelezen, ze wist niet dat hij reflux had (staat in elk verslag), wist niet wanneer hij nog gecontroleerd was, ... . Omdat wij zelf ook niet de metingen bij hadden van de kinderarts geloofde ze ons al bijna niet wanneer we zeiden dat we effectief elke maand zijn langs geweest. Oke, toch maar even onze Briek onderzoeken dan.

Ze meet zijn hoofd. "Oei, ik ga nog een keer meten." En: "Ah, hij heeft misschien altijd zo een breed hoofd boven zijn oortjes? Als ik het hier ingeef in de curve is er toch een stijging." Dat ze al de vorige metingen van de kinderarts niet in haar curve heeft staan, vergeet ze dan maar even. En dan kijkt ze naar Briek zijn beentjes. Die zijn - zoals gewoonlijk - opgespannen. Ik heb me daar ook al zorgen over gemaakt, want na een hersentrauma kan er sprake zijn van cerebrale parese (spasticiteit). Maar de kinderarts had me al gerustgesteld. Briek ontwikkelt normaal en hij kan zijn benen wel plooien. Hij doet het gewoon niet gemakkelijk omdat hij zo hevig is én omdat hij vroeger -door de hoofdpijn- altijd zo gelegen heeft. Soit, de vrouw kijkt en vraagt: "Hij is wel sterk, he? Hij spant zijn beentjes nogal op. Dat doet hij altijd zeker?" En toen wist ik het al: ze vindt het niet oké.

Om een verhaal kort te maken vertelde ze ons dat er met onze Briek helemaal niets aan de hand is, maar toch moesten we METEEN een oogonderzoek (druk meten op de oogzenuw) ondergaan. Dat mocht niet in Turnhout, dat we 2 uur moesten rijden en het ondertussen al half zes was, moesten we er nog maar bijnemen. MAAR, er is helemaal NIETS aan de hand.
Eumh? En verder kregen we helemaal géén informatie.
Over het half uurtje bij de oogarts wil ik helemaal niet beginnen. Het komt erop neer dat een gefrustreerde dokteres tegenover twee gefrustreerde ouders stond  en dat botst. Ik was ondertussen al in tranen (want toch een beetje ongerust over dat verdomde hoofd) en Jorge zat op zijn tandvlees. En Briek zo moe, zo moe, maar zo braaf als altijd.

Dit hoofdverhaal is nog altijd niet voorbij dus. Morgen bespreken ze in teamverband hoe de verdere opvolging moet gebeuren. We kunnen vast en zeker nog eens terug naar Leuven, omdat zijn hoofdje groot is en zijn beentjes gespannen. Maar, er is HELEMAAL NIETS met onze zoon aan de hand. Ze geven geen uitleg én ze geloven nog altijd dat wij onze zoon dit hebben aangedaan door hem te schudden of ik weet niet wat. Olé, we zitten daar heel erg goed! (sarcasme)

Vandaag moesten we dan op controle voor zijn oortjes. Hier ga ik heel erg kort zijn: hij hoort prima! Hij heeft wel een oorontsteking, maar dankzij de buisjes blijft de schade wat beperkt. Nu goed verzorgen en alles komt helemaal in orde.

En dan nu! Het goede nieuws! Briekfest is geweest en Briekfest zal voor ALTIJD in mijn geheugen gegrift staan. Dat mensen voor onze zoon dit willen organiseren, de mensen die langs geweest zijn voor onze Briek, de groepen die muziek gemaakt hebben, .... Het blijft onwezenlijk en ongelooflijk mooi. Briek is overal, bij iedereen in goede handen (behalve dan misschien op de afdeling KNE.) Ik kan niet omschrijven hoe de dag was eigenlijk. Voor mij was het mooi. Maar misschien ervaar ik hem helemaal anders dan andere mensen? Ik weet het niet. Alleszins was het voor mij zeker en zeker en zeker geslaagd. Er zijn T-shirts ontworpen voor Briek, er is een jenever gemaakt voor Briek, er is gedanst voor Briek, er is gezongen voor Briek, er is gedacht aan Briek, ... . Kijk, meer moet een mens niet hebben.
We gaan nu eens goed nadenken over hoe we onze dank kunnen uitspreken of tonen. Ik denk dat woorden niet kunnen omschrijven wat we eigenlijk willen zeggen.
Maar wat gebeurd is, is belangrijk:

Er is aan ons gedacht.

dinsdag 25 september 2012

Briektijd

Lieve Briek


Het is nu twee dagen geleden dat we verhuisd zijn. Je slaapt voor de tweede nacht in je nieuwe kamertje vandaag. We zijn aan een nieuw hoofdstuk begonnen. Voor jou liep die overgang niet zo heel vlotjes, he. Je had het best naar je zin op het einde van het vorige hoofdstuk, de setting mocht voor jou wel blijven zoals ze was.

Maar voor mama en papa is die verhuis heel goed. Misschien is dit de moment om de bladzijdes die geschreven zijn niet meer opnieuw te lezen. We kennen ze ondertussen uit ons hoofd en sommige woorden zijn heel moeilijk om te lezen. Gedane zaken nemen geen keer, maar wat voorbij is, moet ook netjes achter ons blijven.

Je zal wel gelukkig worden hier in onze nieuwe thuis. Daarstraks zag ik het aan je, dat je gelukkig bent. Je werd door papa en mama geknuffeld en gekust en ik keek in je ogen en ik zag het. Geluk. En dan nog onvoorwaardelijk. Ik weet het heel zeker. Je kan het me wel niet zelf vertellen - daar ben je nog wat klein voor - maar ik zag het gewoon. Het straalde uit heel je lijfje, ik proefde het op je zachte wangetjes. En ik voel het nog. Wanneer jij je handje op mijn been legt en zachtjes met je vingertjes aan de stof van mijn broek voelt of wanneer je bijna uit mijn armen springt van enthousiasme als je je poppetje ziet... Ja, ik weet het écht heel zeker: Jij bent gelukkig!

Heerlijk vind ik dat. Heerlijk vind ik jou. Jij bent een ongelooflijk pittig ding, weet je dat? Je zit de hele dag te huppen op je poep, je probeert voortdurend te kruipen (lukt je nog niet), je kijkt naar alles en iedereen, je wil dansen met mama, en je zit -letterlijk- geen tien seconden stil. Heel vermoeiend, maar ook heel leuk. Je eten hangt altijd overal, behalve in je mondje. Je doet wel mooi je mondje open, maar als mama er dan een lepeltje wil insteken zie je plots iets en draai je snel je hoofd om. Ik kan al niet meer bijhouden hoeveel lepels groentepap je in je ogen of tegen je voorhoofd hebt gekregen. Maar jij kan er allemaal best wel om lachen. Kanjer!

En dat na alles wat we hebben meegemaakt. Ergens - heel erg in de verte - zie ik al opnieuw een donker wolkje hangen. 't Is nog een heel kleintje en het heet "9 januari". Maar ik doe alle moeite van de wereld om hier nog niet aan te denken en alleen maar te genieten van jou.

Ik mis je ONGELOOFLIJK hard nu ik terug gaan werken ben. Ik werk graag, maar ik loop hele dagen met een vuist rond mijn hart. Ik ben nog maar net de deur uit of ik kijk al uit naar het moment dat ik terug thuis kom bij jou. Je achterlaten op de crèche vind ik nog altijd heel erg vervelend. (Ook al heb jij het daar echt wel fijn.) Ik schreef onlangs dat ik mezelf een beetje verloren ben. Dat is ook zo, denk  ik, maar misschien is dat helemaal niet zo erg. Misschien is dat wel normaal, ook. Dat je een stukje van jezelf verliest in je kind. Misschien. Misschien is mijn toekomst wel bij jou, maar hoe moet dat dan later. Ik merk nu al dat een kindje hebben samen te vatten is in loslaten. Ik heb je al zo vaak moeten loslaten. Hoe moet dat dan later, ja? Als ik je helemaal heb laten gaan... Neem je dat stukje van mij met je mee? Misschien en vooral heel zeker wil ik nu alleen maar mama zijn.

En later als je groot bent, Briek, ga ik je voortdurend vertellen hoe graag iedereen jou zag/ziet. Ze organiseren een festival voor jou, ze ontwerpen T-shirts voor jou, ze sponsoren jou, ... . Kijk, iedereen ziet jou graag. 

Ik kan alweer niet wachten tot morgenvroeg. Ik kan alweer niet wachten tot Briektijd. De mooiste tijd van mijn leven: Briektijd.

Dikke zoen


Je mama 

zaterdag 15 september 2012

Haai is mijn beste vriend.

Donderdag stond deze boodschap in het crècheboek toen Briek werd opgehaald. Ik kwam 's avonds thuis van mijn werk en na een dikke knuffel van zoonlief, duwde papa het boek onder mijn neus. Ongelooflijk schattig vond ik dat eerst. "Haai is mijn beste vriend." Poppetje, het lelijke scharminkel waar hij zo van houdt, heeft dus afgedaan in de crèche. Nu is het haai daar. En het is haai in badje. Thuis hebben we een hamerhaaitje voor in het bad. Van zodra zijn poepke het water raakt tot het moment dat we Briekje in de handdoek wikkelen, laat hij die hamerhaai niet los.

Best wel schattig dus, dat hij in de crèche ook een haai gevonden heeft om zijn vriendje te zijn. Al vind ik - nu, na een dagje of twee - de boodschap ook een beetje intriest. De nieuwe uks is immers een nieuwe crèche en er zijn nog niet zo heel veel kindjes. Briekje zit dus soms echt wel helemaal alleen daar. Op zich geen probleem, hoor. Hij krijgt vast de beste zorgen en de meeste aandacht :-)! Maar 't is toch ook wel een beetje zielig, vind ik. Als ik hem dan ga afzetten en hij zit daar zo helemaal alleen op die grote mat te koekeloeren. Dan breekt mijn moederhartje toch een klein beetje. Het is ook een grote open ruimte en dat vind ik goed. Geen benauwd gevoel, veel plaats. Maar een klein boeleke in een grote ruimte verdwijnt een beetje.

De reden waarom we Briek ook naar de crèche wilden sturen (het moest ook wel een beetje) is vooral omdat hij zo graag met andere kindjes samen is. Als de kindjes van mijn zusjes er zijn, dan is hij op en top vrolijk. Speeltjes uitdelen, aannemen, kusjes geven, ... eigenlijk gewoon in de belangstelling staan! Dan voelt hij zich de grote man. Hihi, heerlijk kereltje.

En nu, daar in de crèche, is haai zijn beste vriend. Misschien, een beetje, bij gebrek aan anderen? En volgende week -werd ons verteld- zal hij echt wel helemaal alleen zijn. Want al zijn kameraadjes zijn toevallig "allemaal" samen op vakantie! Arm dutske.

Dus: allemaal duimen omhoog dat lieve Briek snel heel veel vriendjes en vriendinnetjes krijgt. Ook al betekent dat dat de kans op ziek worden heel hard wordt vergroot. Toch is het voor dat manneke - denk ik - echt wel fijner om wat gezelschap te krijgen.

dinsdag 11 september 2012

En daar kwam ie dan...

Lieve Briek


Hij is langs geweest, lief kereltje. Het mannetje met de hamer is aan de deur geweest en heeft ons na één ferme slag achtergelaten met pijn in de nek, laaghangende schouders en doffe ogen. Na acht maanden heeft hij zijn achterstand weggewerkt en vond hij dat het tijd was om eens orde op zaken te stellen. Deze periode kon niet zomaar aan ons voorbij gaan.

We hadden hem niet meer verwacht, eigenlijk. Alles ging goed, alles liep vlotjes. We hebben ons samen door allerlei huildagen, (spoed)operaties, strijden met eten en slapen, ... geworsteld en het ging beter. Wat waren wij goed in vechten en doorgaan.

En toch. Ho, halt! Stop. Hier zal niet verder gegaan worden. Eerst stilstaan en verwerken. Maar mama ging werken en papa ging al werken in ons nieuwe huis, dus moest de man met de hamer dringend tussenbeide komen. BAM. Eén slag.

En dat hij ons goed te pakken heeft, dat is zeker. Totaal tegen onze verwachtingen in bleek de man een serieuze moker bij te hebben. Elke dag zie ik papa zijn ogen een beetje doffer worden, hangen zijn schouders nog wat lager en lijkt hij meer en meer kwetsbaar. Tijdens je doopviering moest hij huilen. Hoor je dat? Papa! Onze sterke papa. Het is zwaar geweest. Mama heeft papa eens een brief geschreven. Ik denk dat dit stukje hier goed past:

Lieve Jorge, mijn mooie echtgenoot


Het loopt stroef de laatste tijd, he? Gelukkig kan ik zeggen dat ik wel een idee heb hoe dat komt.
Er is veel gebeurd hier in huis. Als ik naar je kijk zie ik niets meer van de Jorge die ik bijna 5 jaar geleden voor het eerst aarzelend zoende ergens op een verloren bankje in Turnhout. We keren terug naar onze plaats, nu, terug naar onze eerste liefde.

Je bent zo hard veranderd sinds Briek hier is. Die onbezorgdheid die je had, waar ik toen zo jaloers op was, daar is geen sprankeltje van over gebleven. Als ik naar je kijk zie ik één hoop zorgen rondlopen en hoor ik het molentje onder je hersenpan oververhit zoemen. Het houdt niet op bij je, nooit meer. Ik kan je geen ongelijk geven. Er is veel gebeurd. Een kind krijgen verandert je. Ik ben zelf niet meer de Riet die jij 5 jaar geleden voor het eerst hebt ontmoet. Verre van. Er zit een kindje in mijn hart en hoofd dat mijn hele ik beheerst. En dat is wat er met jou ook is gebeurd, ik weet het. Dat onze Briek (lees je dat? ONZE) een "specialleke" is doet er ook geen goed aan. Ik heb in deze zeven maanden nog nooit zoveel liefde, vreugde, angst en verdriet gehad.

Wat die éne hamerslag met ons heeft gedaan is onbeschrijfelijk. Plots voelen we ons niet meer dan "papa en mama". Het enige wat in ons hoofd zit zijn zware herinneringen, het enige wat in ons hart zit zijn angst en verdriet. We lijken enkel nog te kunnen praten over wat er met je gebeurd is en het lijkt ook alsof mensen alleen nog maar met ons willen praten over die tijd. Verder dan de "Hoe is het met Briek-vraag" komt het gesprek niet meer. Alles is ongemakkelijk. We zijn geen Jorge meer, we zijn geen Riet meer, we zijn geen extrudeur of leerkracht meer. We zijn papa. En mama. En niet zomaar papa en mama. We zijn papa en mama van dat kindje met een hazenlip. Niet van jou, Briek. Want jij bent ZO VEEL MEER dan dat kindje met een hazenlip. Maar dat ziet de wereld niet, dat zien enkel wij.

En nu staan wij hier. Kwetsbaar, bloot, met een loodzwaar verleden op onze rug. Wat is er zwaarder dan je eigen kind hebben zien lijden en niet hebben kunnen helpen? Geen wonder dat papa geen sterke beer meer is. Wat zou jij worden als elk vezeltje vreugde en hoop wordt verbrijzeld? Een hoopje mens. Papa is een hoopje. Maar! Papa is ons hoopje. En er is veel liefde hier! Lees maar:

Maar ik HOU VAN JOU. Lees je dat? Ik. hou. van. jou. Man! Nu ik dat zo typ, krijg ik de vlinders tot in mijn keel en mijn knieën. Lieve Jorge, dit komt goed. Dit moet goed komen. Er wacht ons een nieuwe toekomst. Ik kan mij niet voorstellen dat jij en ik niet meer jij en ik zouden zijn. Dat bestaat niet. Niet in mijn hoofd en (hopelijk) niet in het jouwe. Dat bestaat gewoon niet. In geen enkel boek, in geen enkele encyclopedie bestaat "jij en ik niet meer" niet. PUNT.
 Zie je? Er is liefde! En er is een nieuw huis. Voor ons is dit een nieuw begin, hopelijk. Dit moet een nieuw begin zijn. Want mama kan alleen maar huilen en papa is een hoopje.

Maar...

Er is altijd liefde. 


We zien je graag. Heel graag. Ons haasje.


Dikke zoen

papa en mama

Ps.: We moeten nog eens naar Brussel, naar de logopediste, jongen. Je verslikt je te vaak en je moet nu leren om ook stukjes te eten zonder te stikken en over te geven.